E-cultuur = toegang tot de collecties innoveren

Nog één keer over de bibliotheek als gatekeeper.

Als paaslectuur had ik me uit onze schoolbibliotheek E-cultuur: bouwstenen voor praktijk en beleid meegenomen, een boek onder redactie van Dirk De Wit en Debbie Esmans, uitgegeven in samenwerking met het Vlaams Ministerie van Cultuur, Jeugd, Sport en Media. Het boek is tevens online te raadplegen onder een CCL, maar gedrukt, dat leest toch makkelijker, vooral tijdens een zonnige paasvakantie. (doet denken aan discussie over elektronisch ontlenen op edublogs.be)

E-cultuur, front cover

De voor mij meest interessante hoofdstukken uit het boek waren Hoofdstuk 4: E-cultuur en cultureel erfgoed en Hoofdstuk 6: E-cultuur en openbare bibliotheken.

Wat zegt men daar over de bibliotheek als gatekeeper?
Toch wel ‘t een en ‘t ander.

Men duwt haar duidelijk in de rol van gateopener:

Tal van instellingen en organisaties ontwikkelen vandaag de dag hun eigen digitaal aanbod. De bibliotheek kan voor haar gebruikers een betrouwbare en heldere toegang realiseren.

Maar wat me plezier doet, is dat men die rol even goed relativeert:

Voor de gebruiker is de bibliotheek een van de vele informatiebronnen op het web.

Is dat men ook denkt aan de draadloze wereld:

Bibliotheken kunnen hierop inspelen door interfaces aan te bieden naar verschillende toestellen (gsm, pda, pc).

Maar in de veelbelovende paragraaf Rolverandering gaat men volgens mij net NIET de kant van verandering op:

Bibliotheken zullen nieuwe diensten ontwikkelen, zoals:
- aanbieden van een zoekomgeving die exploratie mogelijk maakt van een rijk media-aanbod, onafhankelijk van de drager van het medium;
- ontwikkeling van eigen technologie en infrastructuur, rekening houdend met de variatie in het gedrag en de noden van de gebruikers;
- aanbieden van informatie en diensten via elektronische weg;
- ontwikkeling van competenties van gebruikers op het gebied van cultuur en informatie in een digitale omgeving;
- ontwikkeling van competenties van het eigen personeel en het adviseren van beleidsvoerders;
- opbouw van een digitaal publiek domein waar producenten en gebruikers elkaar op diverse wijzen kunnen ontmoeten en nieuwe relaties aangaan: opslaan van inhoud, rechten regelen, toegankelijkheid verzekeren, selecties maken.

Zijn dit geen diensten die al ontwikkeld hadden kunnen zijn?
Die ondertussen ontwikkeld zijn, door anderen, door de Googles en Amazons van de wereld?

In de paragraaf Anders ontsluiten lijkt men wel te erkennen dat die anderen bestaan en dat we ervoor moeten zorgen dat zij ook ons bestaan erkennen:

Bibliotheken moeten niet enkel de eigen catalogus aanbieden, maar door het standaardiseren en organiseren van indexen (metadata) een betrouwbare zoekomgeving opbouwen die, in samenwerking met anderen, toegankelijk is vanuit diverse systemen en op diverse wijzen.

Althans, ik hóóp dat men hiermee bedoelt dat we beter energie kunnen stoppen in het efficiënt aanbieden van wat wij hebben, dan in het willen toegang bieden tot wat anderen allemaal hebben.

Ik denk van wel, hoewel, het discours gaat toch ook weer even de andere richting uit, die van de bib als informatie- en mediacoach:

Bibliotheken moeten verkennen in welke mate zij een regiefunctie kunnen opnemen bij de ontsluiting van informatie voor het ruime publiek aan de hand van metadatabeheer.

Maar dan zijn we vertrokken voor een reeks interessante bedenkingen en standpunten:

Standaardisering en creatie van referentie-indexen in het centrale achtergrondbestand zullen geïntegreerd zoeken in verschillende databanken mogelijk maken. Nu al worden diverse indexen uit de Vlacc doorgegeven aan andere sectoren, zoals de archieven en de amateurkunsten.

Vlacc is de vroegere benaming van Zoeken.Bibliotheek.be, de catalogus van de zes grootste bibliotheken: Brugge, Gent, Antwerpen, Leuven, Hasselt en Brussel

De verdere ontwikkeling van de sector zal niet langer alleen een zaak zijn van investeringen in voorzieningen en interne processen. Het zal zaak zijn samen te werken met het onderwijs, de producenten van boeken en muziek, en andere culturele instellingen, zoals musea en archieven.

Men heeft dus oog voor het realiseren van een integraal beleid.

De bibliotheken kunnen de nieuwe uitdagingen nooit alleen aan. E-cultuur vraagt om een geïntegreerde elektronische omgeving waarin men cultureel actief is. (…)
Er is nood aan bredere verbanden met cultuurinstellingen, erfgoedinstellingen, de media en het onderwijs. Dit kan maar door de sector op te nemen in en te betrekken bij overlegplatformen en kenniscentra die de opdracht krijgen om deze brede en integrale benadering op het terrein aan te sturen en de implementatie ervan te bewaken.

Als uitsmijter, in de paragraaf Campagnes en marketing, ik ben zo blij dat men het zegt:

Naarmate de bibliotheken nieuwe taken opnemen en hun collecties en diensten vernieuwen, moet dit ruim en doeltreffend kenbaar gemaakt worden aan het publiek. Naarmate het vrijetijdsaanbod stijgt en informatie aan belang wint, zullen ook bibliotheken zich assertiever op deze markt moeten positioneren.

Het was plezierige paaslectuur, dit boek.
Het bereikt dan ook zijn doelstelling: “materiaal aanreiken om debat te voeren”.
Verder ambieert het om “het Vlaamse e-cultuurbeleid mee vorm en inhoud te geven”.
Door de vlotte leesbaarheid en vele praktijkvoorbeelden een geslaagde opzet!

2 bewijzen voor “E-cultuur = toegang tot de collecties innoveren”

  1. Peter Dedecker zegt:

    Interessant werk!

    Een boek gemaakt met steun door de overheid en uitgegeven in Creative Commons licentie: zo hoort het voor overheidsuitgaven, mooi voorbeeld!

  2. Jan zegt:

    Hoi Eva,
    Ten eerste mooi om te zien dat de openbare bibliotheek zo’n prominente rol krijgt in deze nota. De quote “Bibliotheken moeten verkennen in welke mate zij een regiefunctie kunnen opnemen bij de ontsluiting van informatie voor het ruime publiek aan de hand van metadatabeheer” vind ik een hele intrigerende. En natuurlijk de aanbeveling om meer met Nederland samen te werken.
    gr. Jan

Lever bewijs


Bad Behavior has blocked 450 access attempts in the last 7 days.